Showing posts with label roeping. Show all posts
Showing posts with label roeping. Show all posts

Sunday, April 20, 2014

Augustus 2013 Onze missie verwoord

De weg vliegt onder ons door. De achttien jaar oude Mitsubishi Colt heeft ons vorig jaar aan de kust van Polen gebracht. Dat was een heerlijke vakantie. Zon, zee, strand: ontspanning ten top!
We rijden nu door Tsjechië. De omgeving voelt vertrouwd. Een aantal jaar geleden treinden Lydia en ik op een ambitieus vol geplande Europatrip en met volgestouwde rugtassen door ditzelfde landschap. Tussen Berlijn en Praag rijden we nu niet op het spoor zoals toen, maar bewegen we ons op de autoweg ernaast. Links stroomt de Donau nog net zo vrolijk en onstuimig door het berglandschap als een aantal jaren geleden. De trein rijdt ons voorbij. Het geeft ons een nostalgisch gevoel. We zijn weer even terug. In de trein zat toentertijd een Indiaas of Pakistaans ogend gezin dat vol verwondering Europa inkeek. Net als toen, schijnt de zon ook nu uitbundig. Onze ramen staan open, want airconditioning kent onze auto niet.

Het huis waar we naartoe gaan, staat in het zonnige Hongarije. Het ruime huis met verkoelend zwembad in de open lucht is van een ouder echtpaar. We kennen hen via via en we vinden het dan ook super gaaf dat we voor nop gebruik mogen maken van hun huis. Ze gunnen het idealisten als ons dat we even op adem komen.

De eerste paar dagen slapen we uit, liggen we in het zwembadje, zwemmen we in het Balatonmeer en ontdekken we mooie dorpjes in de omtrek. We praten samen over een levensinvulling die vervat is in de volgende Bijbeltekst (Mattheus 6:31-33):

Vraag je dus niet bezorgd af: Wat zullen we eten? of: Wat zullen we drinken? of: Waarmee zullen we ons kleden? – dat zijn allemaal dingen die de heidenen najagen. Jullie hemelse Vader weet wel dat jullie dat alles nodig hebben. Zoek liever eerst het koninkrijk van God en zijn gerechtigheid, dan zullen al die andere dingen je erbij gegeven worden.

Lydia en ik zijn er met vlagen onzeker over. Toch houden we onszelf voor dat er in de afgelopen tijd wel veel bijzondere dingen gebeurd zijn. Deze leidraad die Jezus Christus meegeeft, is best oud. Kunnen we anno nu in deze postmoderne maatschappij ook op deze manier leven? Het maakt ons onzeker. Tijdens de ritjes in de auto, klinkt ‘Mission bell’ van Newsboys uit de boxen. Een vrolijk en energiek deuntje dat de link legt tussen de missionarissen toentertijd en nu:

When the runners came from Bethlehem
All breathless with good news
They were passing a baton forward through time
The commission, from God's lips to our ears
Carried by his saints two thousand years
Connects us all to the same lifeline
As I fix my eyes ahead
I can feel the spirit's breath...


I can hear the Mission Bell ringing out loud and clear
It’s the revolution Jesus started, and it’s here
Echoing across the world from the shores of Galilee
I can hear the Mission Bell call for you and me
I wanna run with fire
It’s my heart’s desire
Lifting your love higher


In the history of our faith's arrivals
Great awakenings, Welsh revivals
Saints and martyrs, summoned by a new birth
Patrick's save of the Irish nation
William Carey's expectation
Lambs & lions
Called to the ends of the earth
Gotta put my hand to the plow
Not looking back, not now...


Lydia en ik besluiten dat we het gaan proberen: ‘Gods Koninkrijk zoeken’. Maar wat dit voor ons inhoudt, weten we niet precies. Wel zijn we geïnspireerd door de gereformeerde en tegelijkertijd eigentijdse New Yorker Tim Keller. In een interview vertelde Keller:

‘Voordat ik naar New York ging, was mijn wereld mijn kerkgenootschap. Als je echter naar de stad verhuist, dan gaat je kerkgenootschap er opeens heel klein uitzien. Dat gebeurt met alle mensen in grote steden. Zij voelen zich meer verbonden met de stad dan met hun kerkgenootschap. Ik ben daar heel zorgvuldig in. Ik ben een goede presbyteriaan en ik ben nog altijd met mijn kerkgenootschap verbonden, mijn geloften zijn niet veranderd. Maar ik zie inmiddels wel dat de wereld groter is dan mijn kleine stam.’

Zelf heb ik de kerk vandaag de dag ook ervaren als een kleine stam. Gedurende de jaren ben ik de wereld om mij heen meer gaan ontdekken en ontdekte ik dat de kerkelijke wereld erg gescheiden is van de ‘normale wereld’. In Kellers is de materiële wereld en de hedendaagse cultuur de plaats waar het Evangelie zichtbaar gemaakt kan worden. Deze theologie van het Koninkrijk van God resulteerde in Kellers invloedrijke visie op de stad: the place to be in plaats van een besmette plek waar je jezelf van dient te isoleren.

Matthijs Vlaardingerbroek heeft zijn vorm duidelijk gevonden. Samen met een aantal stellen zijn zij ‘In de Praktijk’ begonnen, een experiment in een oude stadswijk van Den Haag waarin zij het christelijk geloof met daden in de praktijk willen brengen. Niet praten, maar doen. Het is pionieren en ontdekken en precies doen wat zendelingen in het Midden-Oosten, Afrika en Azië al eeuwenlang doen. Het verhaal ‘Grensverleggend’ raakt ons.

Wat Gea Gort schrijft vinden we ook mooi: ‘Stadszending betekent structureel werken aan de vrede/shalom in de stad’. Het verkondigende geloof wordt dan meer het werkende geloof. Hoe we de bloei van de stad willen zoeken, is voor ons niet volledig bekend. Lydia voelt zich als een vis in het water in het onderwijs. Ik voel me thuis in het mensen bij elkaar brengen, vernieuwing brengen en samen de schouders eronder zetten. In ieder geval willen we ons de komende tijd ons inzetten:
- voor de wijk door buitenfitness te realiseren
- voor de stad door vrijwilligerswerk te stimuleren, het omzien naar elkaar
- en in de strijd tegen gedwongen prostitutie en mensenhandel

De komende maanden wil ik gebruiken om te ontdekken wat er zoal plaatsvindt in de wijk en in de stad. Ik wil aansluiten bij de bestaande initiatieven, dit indien nodig bij elkaar brengen en zodoende bijdragen aan een christelijk-sociale beweging in de stad.

>> Lees verder << 

Sunday, March 02, 2014

Juli 2013 Pinokkio in Amsterdam

Al een half jaar zijn Lydia en ik aan het exploreren op het gebied van roeping en missiewerk. De afgelopen maanden ben ik met vlagen ongeduldig. Het gaat me niet snel genoeg. Andere momenten vraag ik me af waar ik ben beland. Wat gaat het toch snel! Ik realiseer me dat we dit proces niet moeten forceren.
Cor moedigt me aan om te ontdekken wat mijn en onze roeping is. Met doorleefde wijsheid spreekt hij over het niet forceren en de tijd nemen en open staan voor omstandigheden. De verschillen die er tussen man en vrouw kunnen zijn op dit gebied. Juist doordat het niet de bedoeling is dat ik bij Cor in dienst kom, is het extra belangrijk dat we ons zelf geroepen weten met een specifiek verlangen. Daar waar we elkaar overlappen in roeping kunnen Cor en ik samenwerken. Tijdens de bijna losbarstende zomervakantie willen Lydia en ik extra tijd nemen om op te schrijven waar we lange termijn voor willen gaan.

Eerst gaan Lydia en ik een week op werkbezoek met Home of Change in Amsterdam. Deze werkweek begint op de zaterdag in Ede. Daar is op deze warme zomeravond een leuke kennismaking en lekkere barbecue met veel vrijwilligers van Home of Change. ’s Avonds rijden we door naar Amsterdam. De eerste nacht brengen we door bij vrienden. We stappen de volgende ochtend met hen mee de tram in naar de kerk; het schijnt dat Arie Boomsma ook regelmatig in deze kerk is. Ondanks dat een oudere dame door de warmte in het kerkgebouw onwel wordt, gaat de dienst na een korte onderbreking door. De dominee vraagt de gemeente om de ambulancebroeders die ieder moment het plein op kunnen komen hun werk te laten doen. Er wordt in de zaal gegniffeld: welke brave christen zou het werk van deze ambulancebroeders willen beletten?! Het is een heerlijke, zonnige zondag. Na een lekkere lunch, vertrekken Lydia en ik naar ons logeeradres in hartje Amsterdam.

De onschuldigheid die op deze zondag centraal stond, staat in schril contrast met ons bezoek aan de Wallen. Jonge vrouwen met een dode blik in hun ogen die afgestompte mannen wenken, maar ook complete gezinnen die aapjes kijken. Op deze warme zomerdag nemen toeristen foto’s van de vrouwen in ondergoed. Studenten moedigen elkaar aan, met een biertje in de hand, om ‘naar de hoeren’ te gaan. Een stelletje dat gezamenlijk uit een deur komt en weet ik wat gedaan heeft. Ik loop hier rond in een plek die me doet denken aan de schimmige wereld van Stromboli, het heerschap die Pinokkio gevangen nam. Het grote publiek smult van het gezellige, onschuldige poppentheater, maar achter de schermen gaat het er heel anders aan toe. Het enige waar het slachtoffer mee bezig is, is dat zijn neus groeit als hij liegt en steeds verder vastzit in het web van zijn en andermans leugens. Pinokkio wordt in een kooi gezet en krijgt niets van het verdiende geld. Pinokkio is door twee stromannen verhandeld. Net zoals veel prostituees onder valse voorwendselen verhandeld worden, de leugens waar zij in vastzitten, de schaamte, de vele duizenden euro's die hen afhandig wordt gemaakt... De overeenkomsten met Pinokkio zijn legio.
Toenmalig Amsterdamse wethouder Asscher luidde de noodklok vanwege dwang en misstanden in zijn eigen stad. Er is een grote schoonmaak gehouden, zeggen de media. Voor het oog is er echter niets veranderd. Het romantische beeld dat de mannen als de vrouwen vanuit pure vrije wil tot deze daden komen, wat bijvoorbeeld in Baantjer naar voren komt, kan ik hier niet ontdekken. Ik denk aan Stromboli en het web van leugens.

We lopen ’s avonds laat weer richting onze logeerplek en lopen, net buiten het Wallengebied, een oudere man tegen het lijf. Hij loopt zijn woning uit en is bijzonder loslippig. We hebben een sterk vermoeden dat hij een paar glaasjes te veel op heeft. De avondlucht is warm, maar het koelt al af. Deze man heeft behoefte aan aanspraak; even een praatje maken. Zijn halve geschiedenis komt voorbij (hij is in de jaren ’70 hier komen wonen, etc., etc.) en hij probeert indruk te maken met niet-alledaagse woorden. Hoe kan het dat deze man hier al tientallen jaren woont en blijkbaar zoveel behoefte heeft aan contact dat hij drie mensen uit Noord-Nederland zo vastklampt? Ik realiseer me dat het ene (geen diepgaande contacten) het andere teweegbrengt (niet omzien naar elkaar) of in de hand werkt (seksslavernij).

Het doet me denken aan onze eigen wijk. In onze eigen straat, waar anonimiteit aan de orde van de dag is, zijn een aantal weken terug op een nacht minimaal drie meisjes van 16 en 17 jaar in een lege flat gevonden die door een Italiaanse pooier gedwongen werden tot seks. Een Stromboli actief in Beijum. Onlangs sprak ik een expert dat dit nog maar het topje van de ijsberg is, omdat de politie te weinig middelen heeft. Vorige week liep ik een middag door de wijk met Kamil, een afstudeerder Sportstudies van de Hanzehogeschool Groningen. Wat wonen er veel mensen in Beijum! Er wonen meer dan 13.000 mensen, maar wanneer ik kris kras door de wijk wandel, realiseer ik me meer wat dit getal betekent. Veel straten, veel hoekjes en buurten, veel woningen, veel gezinnen en huishoudens. Heel veel gezichten.  Beijum is, samen met Lewenborg, de meest kinderrijke buurt van Groningen. Te bedenken dat algemene statistieken leren dat  1 op de 5 meisjes voor het 16e levensjaar seksueel geweld heeft meegemaakt, wordt de nood in deze wereld zichtbaar. Het topje van de ijsberg!
Kamil is er in de wijk voor een heel ander onderwerp. Sinds februari begeleid ik Kamil die onderzoek doet naar buitenfitness in Nederland en specifiek of en hoe het aansluit bij de Groningse wijk Beijum. In het kader daarvan laat ik hem de potentiële plekken voor buitenfitness in de wijk zien. Het idee is dat mensen gratis in de buitenlucht kunnen werken aan hun fysieke gezondheid. Op een middag in de week dat we in Amsterdam zijn, krijg ik een berichtje dat hij geslaagd is! Het maakt me blij voor hem.

Naast het bezoeken van organisaties die strijden tegen mensenhandel in Amsterdam, spreek ik deze week ook af met een bestuurslid van de Surinaamse DOE-partij die in Nederland is (erg gezellig en nuttig!), een oud-collega die op basis van giften werkt in Noord-Amsterdam (veel herkenning over en weer) en een oud-klasgenoot van de basisschool (erg gaaf om hem weer te spreken en te zien dat het erg goed met hem gaat).

Op een andere ochtend spreken Lydia en ik af met Brigitte van Serve the City, een organisatie die een beweging van vrijwilligerswerk op het oog heeft. Typisch aan Serve the City is dat het laagdrempelig is, het is de ideale mix van met een grote groep en een klein team werken en het verbindt vrijwilligers aan bestaande instellingen. Brigitte is in Amsterdam begonnen en organiseert jaarlijks diverse events waarbij onze hoofdstad overspoeld wordt met vrijwilligers. Er is veel enthousiasme van de foto’s af te lezen. Veel mensen willen best iets goeds doen, maar waar begin je? Serve the City geeft een antwoord.
Een aantal jaar geleden vroeg ze me of ik in Groningen een lokale Serve the City wil opstarten. Ik kan dat niet alleen, heb ik haar gezegd. Wel ben ik erg enthousiast. Cor zei in februari ook de meerwaarde te zien van Serve the City in Groningen en wil er concreet mee aan de slag. Brigitte vraagt wanneer Cor en ik hier mee willen beginnen. Dat weet ik niet, vertelde ik haar, want Cor denkt vaak in langere processen. Toch Cor maar even vragen, bedenk ik me.

Deze week merk ik dat dusdanig moe ben dat Lydia en ik denken dat ik overwerkt ben. Daarom bel ik een ontmoeting met het bestuur van Cor in Zwolle af. De volgende dag bezoeken Lydia en ik 's avonds vrienden die in Amsterdam wonen. Het wordt een ontspannen avond.

Wanneer we terug zijn van de werkweek en daarna de vakantie, ben ik nog steeds moe. Ik besluit rustig aan te doen. Wel spreek ik in augustus met Jelly af. Zij verricht samen met een interkerkelijke vrouwengroep bezoekwerk onder de vrouwen die in de provincie Groningen in de prostitutie werken. Haar tweelingzus heb ik wel eens ontmoet, waardoor Jelly vertrouwd overkomt. Jelly zelf heb ik echter nooit ontmoet, alhoewel zij in een kerkelijk filmpje zit dat ik bedacht en geregisseerd heb om kerkleden de maatschappij in te krijgen. De passie straalt van haar af. Ik heb er geen spijt van dat ik met haar heb afgesproken. Het is fijn om iemand te ontmoeten in mijn eigen woonplaats met hetzelfde hart voor prostituees. We besluiten om contact te houden!

Het weekend voorafgaand aan de vakantie bezoeken we mijn schoonmoeder haar verjaardag en ook beginnen we met inpakken voor de vakantie. Het antwoord dat we vernamen toen ik belde naar het telefoonnummer die Marieke ons gaf, was sfeerverhogend: we kunnen gratis tien dagen op een prachtige locatie aan het Balatonmeer in Hongarije verblijven! Dat betekent dat we de tijd hebben om te concretiseren wat onze missie wordt. En bovenal dat we de tijd hebben om heerlijk te ontspannen.

>> Lees verder <<

Sunday, February 23, 2014

Mei 2013 Een fundamentele keuze

Zegt de Bijbel niet “Bij alle zwoegen is er overschot, praatjes leiden slechts tot gebrek”? Hoe sterk het gevoel in februari was, hoe meer onzeker we er nu over zijn. Leven van giften is maatschappelijk bezien geen logische keuze. Daarnaast is het iets wat Lydia en mij de zenuwen geeft. Ook al komen we in deze maanden heel veel mensen tegen die blijkbaar een goede living kunnen maken van het geld van anderen, merk ik dat het me blijft bezighouden. Het lijkt mij dat ik als mens ook een verantwoordelijkheid heb, precies zoals een Psalm het zegt: “Want u zult eten van de inspanning van uw handen; welzalig zult u zijn en het zal u goed gaan”.

Sinds januari 2012 heb ik geen betaald werk kunnen vinden. Uitzendbureau in en uit, open en gerichte sollicitatiebrieven verstuurd, veel vrijwilligerswerk gedaan om een gat op mijn C.V. te vermijden en ondertussen mijn netwerk vergroot. Nu heb ik de zoveelste sollicitatiebrief verstuurd. Voor de tweede keer in 1,5 jaar  ben ik uitgenodigd. Met vertrouwen in een goede afloop, doch wel gespannen en ook met veel rugpijn stap ik de bus vanaf het Centraal Station in Groningen.
De functie die vrijkomt is voor een communicatiemedewerker en in de grootste en snelst groeiende kerk in Nederland. De Bethelgemeente in Drachten. Omdat het een parttime betrekking is, denk ik dit goed te functioneren met het vrijwilligerswerk wat ik doe. In het gesprek kom ik er achter dat ik één van de twee kandidaten ben. Het is ergens een geruststelling, omdat ik me realiseer dat ik een grote kans maak en dat het voor God een vingerknip moet zijn om mij de baan te geven. Ondanks dat ik last van mijn rug heb, merk ik dat het gesprek redelijk goed verloopt.

Mijn rug doet met de dag meer pijn. Toch besluit ik om op de tweede zaterdag van mei de straat op te gaan om enquêteformulieren af te nemen. De afgelopen maanden heb ik het onderzoek theoretisch voorbereid en in samenspraak met de werkgroep de enquêtevragen opgesteld. Nu komt het er op aan. Digitaal zijn er tientallen enquêtes ingevuld, waarbij per IP-adres maar één ingevuld kan worden. We hopen op deze zaterdag in het winkelcentrum nog honderd enquêtes af te nemen. Vele gesprekjes verder, is het ons gelukt!
Doordat we in de afgelopen maanden diverse leveranciers van buitenfitnesstoestellen hebben bezocht, ben ik steeds meer overtuigd geraakt van de waarde van deze nieuwe manier van sporten. Wanneer de toestellen een vergelijkbare ervaring geven als binnenfitness, kan deze gratis sportfaciliteit een sociaaleconomisch arme wijk een boost geven. Uit de enquête komt naar voren dat 60% buitenfitness in de wijk wil hebben. Wanneer dit nieuws in de krant komt, gaat het al wat beter met mijn rug.

Voordat mijn rug aan de beterende hand komt, besluiten we een archiefkast te kopen. Hoe ordelijk ik vaak ook op mensen overkom, het is onwaar. De bende aan paperassen op, onder en rond mijn bureau groeit met de maand. Daar kan je letterlijk en figuurlijk niet om heen. Notulen, financiën, enz., enz. moeten opgeruimd worden. Archiefkasten zijn helaas duur. Marktplaats biedt uitkomt. Echter de enige goedkope archiefkast bevindt zich in Emmer-Compascuum, diep Drenthe in tegen de grens met Duitsland aan. Eenmaal aangekomen, ontdekken we dat de kast loodzwaar is. Ondanks de leeftijd, blijken deze Drenten sterke mensen te zijn. Zonder mijn hulp, wordt het moloch de gehuurde laadbak ingeschoven. De kast past er precies in. Een tweede geluk vandaag! Onderweg terug realiseer ik me dat we saampjes de kast niet naar boven gaan krijgen. Onderweg naar huis bel ik vrienden op die gelukkig in de gelegenheid zijn om dit kreng naar boven te tillen en duwen. Eenmaal in een afhankelijke positie ontdek ik dat anderen graag bereid zijn om een handje te helpen.

Cor (die ik ontmoette in februari) deelt in de inmiddels wekelijkse gesprekken die ik met hem heb veel over het werk in Afrika en zijn droom voor Europa. Ook leent hij me een boek over het leven van giften waarin ik ontdek dat Jezus tijdens zijn drie laatste jaren van giften leefde en zo nog heel veel meer Nieuwe Testamentische figuren. Hij legt me in deze gesprekken tevens uit hoe zijn stichting functioneert, namelijk als een netwerk van organisaties en als een netwerk van individuen. De stichting heeft een website nodig, maar Cor wil me vooral op pad meenemen zodat ik het missionaire werk al doende leer. Zo ga ik met hem mee naar een symposium van de African Students Community. Ondanks dat Cor een nacht heeft doorgewerkt, is hij behoorlijk energiek. We fietsen naar het Academiegebouw waar het programma zal plaatsvinden. Een interessante kennismaking met een wereld waar ik in de afgelopen weken het één en ander over gelezen heb. Afrika is een wereld waarin acht van de tien snelst groeiende economieën zich bevinden; niet verwonderlijk met alle grondstoffen die het bezit. Een continent dat qua oppervlakte groter is dan Europa, China en Canada bij elkaar. Tevens een continent dat nog steeds de naam heeft van een arm continent, terwijl dat – op bepaalde gebieden na – niet meer zo is. Het programma loopt dusdanig uit dat ik halverwege er tussenuit ga. Ook dat schijnt typisch Afrikaans te zijn…

’s Middags heb ik namelijk een gesprek met Jacqueline van Home of Change. Een aantal weken terug heb ik met haar gesproken in de Bagels & Beans in Groningen. Zij werkte voor een mensenrechtenorganisatie waar ik toentertijd afstudeerde. Nu is zij Home of Change begonnen, een organisatie die mensenhandel en gedwongen prostitutie bevecht. Dit thema intrigeert me enorm. Al enkele jaren lees ik diverse boeken daarover en bekijk ik allerlei documentaires. In 2012 wist ik dat dit onrecht iets is waar ik mij hard voor moest maken. Deze middag heb ik weer een afspraak met haar. Zij wil me haar kantoortje, een oud-cel, laten zien in de voormalige gevangenis Blokhuispoort in Leeuwarden. In de Bak, het café van het gebouw, delen we ons hart op dit thema. Ik vertel haar onder andere dat ik het prostitutiebeleid van de gemeente Groningen niet begrijp. Hoe kan Groningen de tippelzone open houden en deze verslaafde vrouwen faciliteren in hun verslaving en hun seksuele risicovolle bestaan?! Ik wil daar graag iets aan doen. Jacqueline vraagt aan mij of ik bestuurslid van haar stichting wil worden. Het lijkt alsof na jaren bidden en afwachten het moment hier is om in te stappen. Energiek trein ik weer naar huis.

Op de dag van het sollicitatiegesprek wordt ik teruggebeld. De tweede persoon blijkt een interne kandidaat te zijn. Er wordt mij verteld dat de interne kandidaat beter in het team past. Hij had ook al een dagje meegelopen. Voor Lydia en mij is het duidelijk: blijkbaar klopt het verlangen dat ik fulltime missionair werk wil doen. Ondanks dat de Bijbel zegt: “Zoek liever eerst het koninkrijk van God en zijn gerechtigheid, dan zullen al die andere dingen je erbij gegeven worden”, blijkt de stap om van giften te leven best eng. We zeggen tegen God dat hij het nu wel moet bevestigen.

We zoeken in deze tijd houvast bij mensen die vertrouwd zijn met het leven van giften en geen belang hebben bij twee ‘gratis krachten’. Op het zendingsweekend in maart klikte het erg met Frits & Marieke, een echtpaar dat al geruime tijd van giften leeft. We bezoeken het gezin op een zonnige zondagmiddag. Het is vooral heel gezellig en op een natuurlijke manier worden enkele punten besproken. Aan het einde van ons bezoek vraagt Marieke aan ons of we al een vakantieadres hebben. De vraagstelling verbaast me. Ze vraagt niet ‘Gaan jullie op vakantie?’ of ‘Waar verblijven jullie tijdens de vakantie?’. We vertellen dat Lydia en ik heel graag er even tussenuit willen, maar dat het bedrag op de bankrekening het niet toelaat. Marieke geeft ons een briefje met een telefoonnummer en drukt ons op het hart om te bellen. Zullen we dan toch op vakantie kunnen gaan deze zomer?

>> Lees verder <<

Saturday, February 22, 2014

April 2013 Volop beweging

In maart reizen we naar het zendingsweekend in Limburg. Het is vrijdagavond en we zijn gehaast in de auto gestapt. Lydia rijdt en ik mag TomTom zijn. Nog voor we Zwolle bereiken, vertelt Lydia dat ze dit weekend helemaal niet ziet zitten. Er rolt een traan over haar wang. En nog één. En nog één.
Mijn eerste reactie is dat we maar rechtsomkeert moeten gaan, zodat we een relaxt weekend kunnen pakken. Lydia vindt dit geen goed idee. Ik eigenlijk ook niet, want ik ben heel benieuwd naar het avontuur dat nu echt is begonnen!

Als ik haar vraag waarom ze niet naar het zendingsweekend wil, zegt Lydia dat ze, ten eerste, denkt dat het Grijze Wollen Sokken-christenen naar zo'n weekend getrokken weten die heel christelijk en nobel met oogluiken op in een zelfgecreëerde wereld leven. En dat zij daar in ieder geval niet tussenpast.
Nadat ik inslikte dat ik toch ook geen GWS-christen ben, gaat Lydia verder: "Ten tweede: vind ik het doodeng om stabiliteit,  hoe snel dat ook kan veranderen, los te laten. Ik wil in Nederland blijven wonen bij m'n zusjes en m'n moeder".
Met dat ze het uitspreekt, merkt Lydia dat ze tot rust komt. Een kwartier later kloppen we op de deur van een groot gebouw dat doordeweeks doorgaat als Bijbelschool.
Met de GWS-christenen viel het wel mee. We werden bij Frits en Marieke en nog een paar leuke jonge mensen ingedeeld en dat klikte goed. Frits en Marieke zijn realistische, stabiele mensen met een hart vol liefde en wijsheid. En ondertussen heel normaal.

Aan het einde van het weekend reden we voldaan en vastberaden naar huis. We hadden beide vrede bij de huidige situatie en waar we naartoe onderweg zijn. We gaan het avontuur samen in zonder onze individualiteit op te geven. We blijven (voorlopig en misschien wel altijd) in Nederland wonen, Lydia haar hart ligt in het onderwijs, mijn hart gaat uit naar het zien van God in actie in de maatschappij en we zullen GEEN grijze, wollen sokken gaan dragen. Erewoord.

Wat er tijdens het zendingsweekend is gebeurd, is nog steeds onbekend. Hoe verdeeld we heen reden, zo eendrachtig kwamen we terug.

April valt verder samen te vatten met één woord: beweging. Ik maak kennis met bewegingen, draag er aan bij en sta er middenin.

Een sociale beweging is:
een diffuus netwerk van groepen en organisaties die sympathie hebben voor een bepaald ideaal en doel met name om verandering te bewerkstelligen.

Op Facebook zie ik dat de ChristenUnie-SGP Rotterdam een christelijke beweging wil vormen. Ik ben nieuwsgierig en stap op de trein om de eerste bijeenkomst bij te wonen.
Na een lange rit kom ik aan bij een klein kerkje tegenover een imposant gebouw van Het Oogziekenhuis. Binnengekomen zie ik de fractievoorzitter Setkin Sies staan. Hij herkent me nog van de tijd dat ik stage liep bij Youth for Christ. We geven elkaar een hand. Omdat hij in de organisatie zit, dient hij nog even wat te regelen.

Tegelijkertijd wordt er in de benedenzaal van de Scots International Church een lunch aangeboden aan dak- en thuislozen. Eén van hen maakt een praatje met me. Dat doorbreekt de stilte en zorgt er voor dat er ook andere gesprekken opgestart worden.
Een moment later maak ik kennis met een vrouw die net is binnengekomen. Ze stelt zich voor als Xannelou Mendeszoon van de Victory Outreach Rotterdam. Ze vertelt onder andere dat zij werkt onder prostituees. Haar verhaal interesseert me, maar het programma gaat beginnen.
Onderweg naar boven kom ik Ixora Balootje tegen. Zij herkent me van de vorige maand waarin ik mijn ervaringen in Suriname deelde met de Tweede Kamerfractie van de ChristenUnie. We gaan op de tweede rij zitten. Al snel kom ik erachter dat door de hardheid van de houten banken mijn zitvlees getest wordt op geduld. Het zal een zware beproeving worden.

De zaal zit vol met iets meer mannen dan vrouwen: dominees en kerkelijk oudsten, directeuren en managers van (zorg)instellingen en wie zich ook maar een christelijk leider beschouwd. Er werden interessante speeches gehouden, waarvan de één nog wat interessanter was dan de ander. Met de één was ik het dan ook meer eens dan met de ander. Aan het van de middag maakte Setkin Sies bekend bij de volgende gemeenteraadsverkiezingen, maart 2014, wederom lijsttrekker te zullen zijn. Een applaus volgde.
Wat ik leerde was dat de Rotterdamse beweging niet een georganiseerde, top-down, politieke beweging is. Het is een maatschappelijk organisme waarbij vriendschappen centraal staan. Met de juiste ingrediënten wint het organisme aan kracht en zichtbaarheid. Zoiets leek me voor Groningen ook zinnig.
In de afgelopen weken voerde ik gesprekken met een bestuurslid van de Provinciale Unie van de ChristenUnie Groningen. Ik kwam er achter dat ook in Groningen de ChristenUnie dienend op de samenleving betrokken wil zijn en samen op wil trekken. In deze gesprekken kwam steeds terug dat je zo'n beweging niet creëerde vanuit de politiek, maar dat het er als organisme al aanwezig is en dat de rol van de politiek zou zijn om het bestaande te versterken.
Als ik Cor over een dergelijke beweging spreek, zegt hij enthousiast dat dit precies is waar zijn stichting al mee bezig is, alleen zonder de politiek. We zijn in de auto onderweg naar het jubileum van Jeugd met een Opdracht in Heerde. Die middag hoor ik de uit Nieuw-Zeeland afkomstige Steff Fountain voor het eerst spreken. Deze oudgediende in de evangelisatiebeweging van Nederland vertelt over Europa. Het is voor het eerst in mijn leven dat ik op een niet-politieke, christelijke bijeenkomst iemand hoor praten over politiek. Sterker nog: over Europa en de Europese Unie. Niet negatief, maar juist vol passie. Tot tranen toe begeestigt hij de aanwezigen om als christenen een volk van hoop te zijn, een sociale beweging. Zoals we ook na de Tweede Wereldoorlog vanuit een christelijke inspiratie de Europese Unie begonnen zijn.
Wanneer ik die avond op de ALV van PerspectieF, ChristenUnie-jongeren, ben, moet ik nog geregeld aan Jeff Fountain denken. Op de ALV wordt besloten om de organisatie van de politieke jongerenorganisatie te hervormen, zodat het meer een beweging kan worden. De kandidaat voorzitter van de landelijke ChristenUnie, Piet Adema, zit naast me. Ook hij wil een beweging. Daarom is zijn pleidooi om te werken aan een debatcultuur binnen de ChristenUnie. De volgende dag zou hij tot partijvoorzitter benoemd worden. Het lijkt me, de risico's in ogenschouw nemend, een goede zaak.
Op de ALV dien ik samen met Janette als twee communicatiedeskundigen een voorstel tot een motie in, maar die haalt het helaas niet. Daarentegen zie ik mijn adviezen wel gerealiseerd aangaande Perspex, het partijblad van PerspectieF. Geen blad meer met droge artikelen van aanstormend talent, maar een samenbindende, op actiegerichte propaganda met goede foto's van de leidende figuren van PerspectieF en de ChristenUnie. Zodat, ja je raadt het vast al, de beweging wordt gevoed.
Op de laatste dag dat ik voor RTV OOG werkte, is er onrust op het stadhuis. Wat me blijft hangen, is een uitspraak van een PvdA-gemeenteraadslid, off the record, dat de Pvda-burgemeester Rehwinkel niet voor een tweede termijn moet willen gaan. Over het algemeen komt dit alleen voor als een burgemeester echt slecht presteert. Rehwinkel blijkt te vriendelijk, terwijl men van hem verwacht dat hij in de media van zich afbijt. Minder sociaal georiënteerd, meer een leider. Een paar maanden later vervroegt Rehwinkel zijn vertrek. Hij is er de man niet naar om anderen te besmeuren of op zijn strepen te gaan staan. Ook ik vertrek, maar dan bij RTV OOG, omdat ik vind dat er geen uitmuntende journalist in mij schuilt. Ik heb een te duidelijke mening en ik wil meedoen in plaats van aan de zijlijn verslag doen. Mijn droom ligt elders.
De eerste zondag na Pasen stappen Lydia en ik een voor ons nieuwe kerk binnen: de Vineyard Church, een internationaal kerk. De diensten zijn westers geschoeid, maar om ons heen zien we christenen uit alle windrichtingen en van nagenoeg alle continenten. Zeker geen GWS-christenen... Ondanks dat de Vineyard internationaal veel gemeenten kent, wil het geen denominatie, maar een beweging zijn. Geen hiërarchische organisatie, maar een organisme. Voor Lydia en mij blijkt het een verademing.

Er wordt die ochtend gesproken over het christelijk geloof dat het hele leven en daarmee onze omgeving beïnvloedt. Het christelijk geloof vraagt van christenen dat zij van de stad en haar inwoners houden. Een geloof dat deel uitmaakt van de stadse samenleving en het beste zoekt voor haar inwoners. Wauw. Dit heeft ons hart.
Wanneer we thuis zijn, besluiten we om met het 40-dagenproject mee te doen. We gaan het boek Gospel in Life van Tim Keller behandelen. We zijn benieuwd hoe de eerste avond zal verlopen..! 

Tuesday, February 18, 2014

Februari 2013 ‘Het avontuur is al gaande!’

Ondanks de kou buiten, voel ik mij energieker dan ooit. Na het sollicitatiegesprek bij Agapè zit ik de volgende ochtend met een vriend, Henk Paul, in onze woonkamer. De gezelligheid van de avond ervoor bij een vriendin in Utrecht zit nog voor in mijn hoofd. Ik ben een gelukkig mens en sta op de drempel van een nieuw avontuur!
Henk Paul is nieuwsgierig naar hoe het sollicitatiegesprek is verlopen en stuit op mijn twijfel over de vacature. Hij stelt voor om eens te spreken met een kennis van hem die nota bene in onze straat woont. Hij heet Cor en heeft een lange staat van dienst bij Agapè.

Een aantal dagen later sta ik bij Cor op de stoep en ik bel aan. De deur zwiept open en een enthousiaste, kleine man doet open. We gaan aan de keukentafel zitten en Cor vertelt honderduit over hoe zijn leven verlopen is en over zijn verlangen om Europeanen te beïnvloeden met Afrika en andersom. Na een half uur van het ene verhaal in het andere vallend, ontdekte hij dat het water dat gekookt heeft, nog op het aanrecht staat. Na een korte adempauze heb ik thee gekregen en spreekt Cor vol passie verder. Vervolgens vraagt hij aan mij ‘wie ben je?’ waarop ik hem vertel over hoe ik door de jaren heen gevormd ben en wat mijn verlangen is. Het gesprek verloopt soepel en is gericht van hart tot hart.
Aan het einde van het 3,5 uur durende gesprek vraagt Cor: ‘Zou je jouw hartsverlangen in de praktijk kunnen brengen bij Agapè?’.
‘Eerlijk gezegd,’ zeg ik hem, ‘weet ik wel zeker van niet.’
‘Wil je overwegen om bij ons te komen werken?’ vraagt hij oprecht. Deze man ziet graag mensen opbloeien, merk ik.
Cor vertelt me vervolgens iets wat me nog maandenlang bezig zal houden. Op de ochtend dat ik met Henk Paul sprak, bad Cor voor een communicatiemedewerker die met hem op kan lopen. Het woord ‘Agapè’ valt bij hem in. Wanneer hij in de middag een mailtje van Henk Paul krijgt waarin Henk Paul mij als sollicitant bij Agapè voorstelt, moet hij terugdenken aan het gebed van die ochtend. Tussen neus en lippen door vertelt hij me dat hij nooit een vacature uit heeft geschreven, maar dat God altijd mensen op zijn pad brengt.

Thuisgekomen heb ik gemengde gevoelens. Het avontuur die op mij wacht, lijkt al begonnen! Ben ik er wel klaar voor? Kan ik de keus maken om bij Cor te werken alleen op basis van een ingeving van Cor? Ik weet het niet. Maar wat een gave ontwikkeling!
Wanneer Lydia thuiskomt, merkt zij mijn blije gemoed op. We weten beide dat we hier iets mee moeten doen.

Twee weken eerder komt een jeugdvriend van mij met zijn vrouw bij ons op bezoek. Ze komen veel te laat aan, want er valt die zaterdagmiddag een hoop sneeuw op de route van Noord-Holland naar Groningen. Het weerzien was, ondanks de jaren dat we elkaar niet gesproken hebben, erg prettig. Hij stelt zijn vrouw aan mij en Lydia voor; hun dochter is er ook en zij is adorable. De tijd vliegt. Aan het einde van het bezoek bidt dit lieve stel voor onze zoektocht.
Na het gebed gebeurt er iets vreemds. De vrouw van mijn jeugdvriend wil ons een klein geldbedrag geven. Ze zegt dat ze de aandrang van God ervaart en staat erop dat we het aannemen. Het is een hele andere manier van omgaan met geld wat ter tafel komt tijdens het budgetspel, bedenk ik me. Tegelijkertijd kwam er op dat moment op de één of andere manier in Lydia en mijn hart een duidelijke overtuiging dat we van giften gaan leven. Rationeel aanvechtbaar, maar voor ons een feit. Het maakte ons blij en tegelijkertijd in de war.

Twee ingevingen van God in korte tijd. Hebben deze ingevingen iets met elkaar te maken? Is het überhaupt wel God die spreekt? We weten dat God vaker op deze manier werkt. We voelen ons kwetsbaar in deze tijd. We schrijven deze ervaringen op en denken er rustig over na.

Gedurende de rest van de maand is mijn verlangen steevast aanwezig.  Het ene moment waarop ik een uilenles geef, ligt het verlangen op de voorgrond van mijn hart. Wanneer ik sollicitatiegesprekken van potentiële stagiair(e)s van de Hanzehogeschool Groningen afneem bij het burgerinitiatief Buitenfitness Beijum (zo noemen we ons vanaf nu!), zoemt het verlangen rond in een hoekje van mijn hart. Steeds weer komt het aan de oppervlakte, zoals ook verliefdheid kan doen. Af en toe neem ik de tijd om te dromen en het verlangen in de ogen te kijken.
Op andere momenten voel ik me aangezet iets nieuws te beginnen. Na enkele maanden niet naar een kerk te zijn geweest (dat is een ander lang verhaal!), stap ik een kerk binnen die net begonnen is met het beleggen van kerkdiensten. Ik solliciteer bij de stadszender OOG op een vrijwilligersfunctie op de redactie van een paar uur per week. Gedurende de maand stijgt mijn liefde voor het leven met dat de temperatuur stijgt.

>> Lees verder <<

Sunday, February 16, 2014

Januari 2013 ‘Het avontuur gaat beginnen’

In een treincoupé zitten allerlei soorten mensen. Jonge mensen, waartoe ik mezelf nog reken, en oudere mensen. Mensen die zich aan de regel van de stiltecoupé houden en mensen die erg enthousiast en sociaal zijn en hun mond niet gesloten kunnen laten tegenover hun medereizigers. Zo zit er een groep dames op leeftijd, ik schat in de zeventig, die de hele rit vanaf Hoogeveen tot Amersfoort kletsen over allerlei onderwerpen die ik niet zou hebben aangeroerd. Rechts van hen zit een jongen met een koptelefoon ogenschijnlijk rustig naar buiten te kijken, maar aan de kleding te zien zal het, vergeef mijn vooroordeel voor zwartdragende en depressief ogende jongeren, heavy muziek zijn.
Iedere reiziger heeft zijn eigen bestemming. Ik ben op reis naar Doorn voor een sollicitatiegesprek bij een evangelisatieorganisatie. Er zitten enkele haken en ogen aan deze functie, zo wordt bevestigd tijdens het gesprek. Daarom weet ik niet of ik daar wel aangenomen wil worden! Het wordt een reis waarin ik mijn nervositeit goed voel en een gesprek waarin mijn zenuwen de overhand spelen.

Waarom heb ik gesolliciteerd op een functie die ik niet ambieer? Een vriend wees me op de vacature en omdat ik overal op reageerde wat er voorbij kwam, meende ik er goed aan te doen ook hierop een sollicitatiebrief los te laten. In de afgelopen maanden was ik er goed in geslaagd om op veel vacatures te reageren, maar het was de andere partij niet gelukt mij één keer uit te nodigen. Toen ik bij Agapè, de evangelisatieorganisatie van Nederland, wel werd uitgenodigd, heb ik toch toegezegd in een sollicitatiegesprek 1) vanwege dat het misschien toch iets zou kunnen zijn en 2) vanwege dat ik ervaring op deed in het voeren van zo’n sollicitatiegesprek.

De functie betrof die voor een junior communicatiemedewerker die maandelijks dezelfde activiteiten zou uitvoeren, namelijk het interviewen van collega’s voor het interne magazine en werkzaamheden aangaande het intranet. Ik viel bij de gedachte aan deze werkzaamheden al in slaap. Bovendien zouden Lydia en ik moeten verhuizen zonder dat we een salaris kregen, want die zouden we zelf moeten vergaren onder familie, vrienden en bekenden. In het fondswerven werden we dan wel weer begeleid. Dit kantoorwerk is een roeping.

Gedurende dit traject werd er iets in me wakker wat vanaf mijn kindertijd aanwezig is. Een diep verlangen om van betekenis te zijn voor de maatschappij door mijn talenten in te zetten, flexibel hoe God me leidt. Omdat ik zelf de kracht van het Evangelie gemerkt heb in mijn leven, zou ik daar mijn leven aan willen geven. Dat klinkt groots, maar in het dagelijkse leven krijgt het z’n eigen kleine, alledaagse vorm.
Daarom ben ik in de afgelopen maanden betrokken geraakt bij een budgetspel, waar mensen spelenderwijs hun valkuilen op financieel gebied ontdekken en samen met de andere bordspelers tips uitwisselen hoe de huishoudpot beter te beheren.
Daarom ben ik betrokken geraakt bij Salmagundi Living, een sociale onderneming die meubels ontwerpt en herontwerpt en medewerkers begeleidt die elders niet aan een baan komen.
Daarom heb ik het burgerinitiatief gesteund om gratis fitness in de openbare ruimte te krijgen in onze wijk; deze maand is de werkgroep officieel gestart.
Daarom ben ik ingegaan op het verzoek vanuit Suriname om informatie in Nederland te vergaren hoe ombudswerk op te zetten.

Op de terugweg in de trein besefte ik dat de toekomst open ligt. Waar zouden Lydia en ik over een half jaar zijn? Omdat Lydia en ik geloven dat God actief met ons leven bezig is, willen we geen deuren sluiten die God geopend heeft. Gaan we naar Doorn verhuizen? Het overheersende gevoel is niet of het avontuur gaat beginnen, maar hoe!

>> Lees verder <<