Zegt de Bijbel niet “Bij alle zwoegen is er overschot, praatjes leiden slechts tot gebrek”? Hoe sterk het gevoel in februari was, hoe meer onzeker we er nu over zijn. Leven van giften is maatschappelijk bezien geen logische keuze. Daarnaast is het iets wat Lydia en mij de zenuwen geeft. Ook al komen we in deze maanden heel veel mensen tegen die blijkbaar een goede living kunnen maken van het geld van anderen, merk ik dat het me blijft bezighouden. Het lijkt mij dat ik als mens ook een verantwoordelijkheid heb, precies zoals een Psalm het zegt: “Want u zult eten van de inspanning van uw handen; welzalig zult u zijn en het zal u goed gaan”.
Sinds januari 2012 heb ik geen betaald werk kunnen vinden. Uitzendbureau in en uit, open en gerichte sollicitatiebrieven verstuurd, veel vrijwilligerswerk gedaan om een gat op mijn C.V. te vermijden en ondertussen mijn netwerk vergroot. Nu heb ik de zoveelste sollicitatiebrief verstuurd. Voor de tweede keer in 1,5 jaar ben ik uitgenodigd. Met vertrouwen in een goede afloop, doch wel gespannen en ook met veel rugpijn stap ik de bus vanaf het Centraal Station in Groningen.
De functie die vrijkomt is voor een communicatiemedewerker en in de grootste en snelst groeiende kerk in Nederland. De Bethelgemeente in Drachten. Omdat het een parttime betrekking is, denk ik dit goed te functioneren met het vrijwilligerswerk wat ik doe. In het gesprek kom ik er achter dat ik één van de twee kandidaten ben. Het is ergens een geruststelling, omdat ik me realiseer dat ik een grote kans maak en dat het voor God een vingerknip moet zijn om mij de baan te geven. Ondanks dat ik last van mijn rug heb, merk ik dat het gesprek redelijk goed verloopt.
Mijn rug doet met de dag meer pijn. Toch besluit ik om op de tweede zaterdag van mei de straat op te gaan om enquêteformulieren af te nemen. De afgelopen maanden heb ik het onderzoek theoretisch voorbereid en in samenspraak met de werkgroep de enquêtevragen opgesteld. Nu komt het er op aan. Digitaal zijn er tientallen enquêtes ingevuld, waarbij per IP-adres maar één ingevuld kan worden. We hopen op deze zaterdag in het winkelcentrum nog honderd enquêtes af te nemen. Vele gesprekjes verder, is het ons gelukt!
Doordat we in de afgelopen maanden diverse leveranciers van buitenfitnesstoestellen hebben bezocht, ben ik steeds meer overtuigd geraakt van de waarde van deze nieuwe manier van sporten. Wanneer de toestellen een vergelijkbare ervaring geven als binnenfitness, kan deze gratis sportfaciliteit een sociaaleconomisch arme wijk een boost geven. Uit de enquête komt naar voren dat 60% buitenfitness in de wijk wil hebben. Wanneer dit nieuws in de krant komt, gaat het al wat beter met mijn rug.
Voordat mijn rug aan de beterende hand komt, besluiten we een archiefkast te kopen. Hoe ordelijk ik vaak ook op mensen overkom, het is onwaar. De bende aan paperassen op, onder en rond mijn bureau groeit met de maand. Daar kan je letterlijk en figuurlijk niet om heen. Notulen, financiën, enz., enz. moeten opgeruimd worden. Archiefkasten zijn helaas duur. Marktplaats biedt uitkomt. Echter de enige goedkope archiefkast bevindt zich in Emmer-Compascuum, diep Drenthe in tegen de grens met Duitsland aan. Eenmaal aangekomen, ontdekken we dat de kast loodzwaar is. Ondanks de leeftijd, blijken deze Drenten sterke mensen te zijn. Zonder mijn hulp, wordt het moloch de gehuurde laadbak ingeschoven. De kast past er precies in. Een tweede geluk vandaag! Onderweg terug realiseer ik me dat we saampjes de kast niet naar boven gaan krijgen. Onderweg naar huis bel ik vrienden op die gelukkig in de gelegenheid zijn om dit kreng naar boven te tillen en duwen. Eenmaal in een afhankelijke positie ontdek ik dat anderen graag bereid zijn om een handje te helpen.
Cor (die ik ontmoette in februari) deelt in de inmiddels wekelijkse gesprekken die ik met hem heb veel over het werk in Afrika en zijn droom voor Europa. Ook leent hij me een boek over het leven van giften waarin ik ontdek dat Jezus tijdens zijn drie laatste jaren van giften leefde en zo nog heel veel meer Nieuwe Testamentische figuren. Hij legt me in deze gesprekken tevens uit hoe zijn stichting functioneert, namelijk als een netwerk van organisaties en als een netwerk van individuen. De stichting heeft een website nodig, maar Cor wil me vooral op pad meenemen zodat ik het missionaire werk al doende leer. Zo ga ik met hem mee naar een symposium van de African Students Community. Ondanks dat Cor een nacht heeft doorgewerkt, is hij behoorlijk energiek. We fietsen naar het Academiegebouw waar het programma zal plaatsvinden. Een interessante kennismaking met een wereld waar ik in de afgelopen weken het één en ander over gelezen heb. Afrika is een wereld waarin acht van de tien snelst groeiende economieën zich bevinden; niet verwonderlijk met alle grondstoffen die het bezit. Een continent dat qua oppervlakte groter is dan Europa, China en Canada bij elkaar. Tevens een continent dat nog steeds de naam heeft van een arm continent, terwijl dat – op bepaalde gebieden na – niet meer zo is. Het programma loopt dusdanig uit dat ik halverwege er tussenuit ga. Ook dat schijnt typisch Afrikaans te zijn…
’s Middags heb ik namelijk een gesprek met Jacqueline van Home of Change. Een aantal weken terug heb ik met haar gesproken in de Bagels & Beans in Groningen. Zij werkte voor een mensenrechtenorganisatie waar ik toentertijd afstudeerde. Nu is zij Home of Change begonnen, een organisatie die mensenhandel en gedwongen prostitutie bevecht. Dit thema intrigeert me enorm. Al enkele jaren lees ik diverse boeken daarover en bekijk ik allerlei documentaires. In 2012 wist ik dat dit onrecht iets is waar ik mij hard voor moest maken. Deze middag heb ik weer een afspraak met haar. Zij wil me haar kantoortje, een oud-cel, laten zien in de voormalige gevangenis Blokhuispoort in Leeuwarden. In de Bak, het café van het gebouw, delen we ons hart op dit thema. Ik vertel haar onder andere dat ik het prostitutiebeleid van de gemeente Groningen niet begrijp. Hoe kan Groningen de tippelzone open houden en deze verslaafde vrouwen faciliteren in hun verslaving en hun seksuele risicovolle bestaan?! Ik wil daar graag iets aan doen. Jacqueline vraagt aan mij of ik bestuurslid van haar stichting wil worden. Het lijkt alsof na jaren bidden en afwachten het moment hier is om in te stappen. Energiek trein ik weer naar huis.
Op de dag van het sollicitatiegesprek wordt ik teruggebeld. De tweede persoon blijkt een interne kandidaat te zijn. Er wordt mij verteld dat de interne kandidaat beter in het team past. Hij had ook al een dagje meegelopen. Voor Lydia en mij is het duidelijk: blijkbaar klopt het verlangen dat ik fulltime missionair werk wil doen. Ondanks dat de Bijbel zegt: “Zoek liever eerst het koninkrijk van God en zijn gerechtigheid, dan zullen al die andere dingen je erbij gegeven worden”, blijkt de stap om van giften te leven best eng. We zeggen tegen God dat hij het nu wel moet bevestigen.
We zoeken in deze tijd houvast bij mensen die vertrouwd zijn met het leven van giften en geen belang hebben bij twee ‘gratis krachten’. Op het zendingsweekend in maart klikte het erg met Frits & Marieke, een echtpaar dat al geruime tijd van giften leeft. We bezoeken het gezin op een zonnige zondagmiddag. Het is vooral heel gezellig en op een natuurlijke manier worden enkele punten besproken. Aan het einde van ons bezoek vraagt Marieke aan ons of we al een vakantieadres hebben. De vraagstelling verbaast me. Ze vraagt niet ‘Gaan jullie op vakantie?’ of ‘Waar verblijven jullie tijdens de vakantie?’. We vertellen dat Lydia en ik heel graag er even tussenuit willen, maar dat het bedrag op de bankrekening het niet toelaat. Marieke geeft ons een briefje met een telefoonnummer en drukt ons op het hart om te bellen. Zullen we dan toch op vakantie kunnen gaan deze zomer?
>> Lees verder <<
Showing posts with label buitenfitness. Show all posts
Showing posts with label buitenfitness. Show all posts
Sunday, February 23, 2014
Tuesday, February 18, 2014
Februari 2013 ‘Het avontuur is al gaande!’
Ondanks de kou buiten, voel ik mij energieker dan ooit. Na het sollicitatiegesprek bij Agapè zit ik de volgende ochtend met een vriend, Henk Paul, in onze woonkamer. De gezelligheid van de avond ervoor bij een vriendin in Utrecht zit nog voor in mijn hoofd. Ik ben een gelukkig mens en sta op de drempel van een nieuw avontuur!
Henk Paul is nieuwsgierig naar hoe het sollicitatiegesprek is verlopen en stuit op mijn twijfel over de vacature. Hij stelt voor om eens te spreken met een kennis van hem die nota bene in onze straat woont. Hij heet Cor en heeft een lange staat van dienst bij Agapè.
Een aantal dagen later sta ik bij Cor op de stoep en ik bel aan. De deur zwiept open en een enthousiaste, kleine man doet open. We gaan aan de keukentafel zitten en Cor vertelt honderduit over hoe zijn leven verlopen is en over zijn verlangen om Europeanen te beïnvloeden met Afrika en andersom. Na een half uur van het ene verhaal in het andere vallend, ontdekte hij dat het water dat gekookt heeft, nog op het aanrecht staat. Na een korte adempauze heb ik thee gekregen en spreekt Cor vol passie verder. Vervolgens vraagt hij aan mij ‘wie ben je?’ waarop ik hem vertel over hoe ik door de jaren heen gevormd ben en wat mijn verlangen is. Het gesprek verloopt soepel en is gericht van hart tot hart.
Aan het einde van het 3,5 uur durende gesprek vraagt Cor: ‘Zou je jouw hartsverlangen in de praktijk kunnen brengen bij Agapè?’.
‘Eerlijk gezegd,’ zeg ik hem, ‘weet ik wel zeker van niet.’
‘Wil je overwegen om bij ons te komen werken?’ vraagt hij oprecht. Deze man ziet graag mensen opbloeien, merk ik.
Cor vertelt me vervolgens iets wat me nog maandenlang bezig zal houden. Op de ochtend dat ik met Henk Paul sprak, bad Cor voor een communicatiemedewerker die met hem op kan lopen. Het woord ‘Agapè’ valt bij hem in. Wanneer hij in de middag een mailtje van Henk Paul krijgt waarin Henk Paul mij als sollicitant bij Agapè voorstelt, moet hij terugdenken aan het gebed van die ochtend. Tussen neus en lippen door vertelt hij me dat hij nooit een vacature uit heeft geschreven, maar dat God altijd mensen op zijn pad brengt.
Thuisgekomen heb ik gemengde gevoelens. Het avontuur die op mij wacht, lijkt al begonnen! Ben ik er wel klaar voor? Kan ik de keus maken om bij Cor te werken alleen op basis van een ingeving van Cor? Ik weet het niet. Maar wat een gave ontwikkeling!
Wanneer Lydia thuiskomt, merkt zij mijn blije gemoed op. We weten beide dat we hier iets mee moeten doen.
Twee weken eerder komt een jeugdvriend van mij met zijn vrouw bij ons op bezoek. Ze komen veel te laat aan, want er valt die zaterdagmiddag een hoop sneeuw op de route van Noord-Holland naar Groningen. Het weerzien was, ondanks de jaren dat we elkaar niet gesproken hebben, erg prettig. Hij stelt zijn vrouw aan mij en Lydia voor; hun dochter is er ook en zij is adorable. De tijd vliegt. Aan het einde van het bezoek bidt dit lieve stel voor onze zoektocht.
Na het gebed gebeurt er iets vreemds. De vrouw van mijn jeugdvriend wil ons een klein geldbedrag geven. Ze zegt dat ze de aandrang van God ervaart en staat erop dat we het aannemen. Het is een hele andere manier van omgaan met geld wat ter tafel komt tijdens het budgetspel, bedenk ik me. Tegelijkertijd kwam er op dat moment op de één of andere manier in Lydia en mijn hart een duidelijke overtuiging dat we van giften gaan leven. Rationeel aanvechtbaar, maar voor ons een feit. Het maakte ons blij en tegelijkertijd in de war.
Twee ingevingen van God in korte tijd. Hebben deze ingevingen iets met elkaar te maken? Is het überhaupt wel God die spreekt? We weten dat God vaker op deze manier werkt. We voelen ons kwetsbaar in deze tijd. We schrijven deze ervaringen op en denken er rustig over na.
Gedurende de rest van de maand is mijn verlangen steevast aanwezig. Het ene moment waarop ik een uilenles geef, ligt het verlangen op de voorgrond van mijn hart. Wanneer ik sollicitatiegesprekken van potentiële stagiair(e)s van de Hanzehogeschool Groningen afneem bij het burgerinitiatief Buitenfitness Beijum (zo noemen we ons vanaf nu!), zoemt het verlangen rond in een hoekje van mijn hart. Steeds weer komt het aan de oppervlakte, zoals ook verliefdheid kan doen. Af en toe neem ik de tijd om te dromen en het verlangen in de ogen te kijken.
Op andere momenten voel ik me aangezet iets nieuws te beginnen. Na enkele maanden niet naar een kerk te zijn geweest (dat is een ander lang verhaal!), stap ik een kerk binnen die net begonnen is met het beleggen van kerkdiensten. Ik solliciteer bij de stadszender OOG op een vrijwilligersfunctie op de redactie van een paar uur per week. Gedurende de maand stijgt mijn liefde voor het leven met dat de temperatuur stijgt.
>> Lees verder <<
Henk Paul is nieuwsgierig naar hoe het sollicitatiegesprek is verlopen en stuit op mijn twijfel over de vacature. Hij stelt voor om eens te spreken met een kennis van hem die nota bene in onze straat woont. Hij heet Cor en heeft een lange staat van dienst bij Agapè.
Een aantal dagen later sta ik bij Cor op de stoep en ik bel aan. De deur zwiept open en een enthousiaste, kleine man doet open. We gaan aan de keukentafel zitten en Cor vertelt honderduit over hoe zijn leven verlopen is en over zijn verlangen om Europeanen te beïnvloeden met Afrika en andersom. Na een half uur van het ene verhaal in het andere vallend, ontdekte hij dat het water dat gekookt heeft, nog op het aanrecht staat. Na een korte adempauze heb ik thee gekregen en spreekt Cor vol passie verder. Vervolgens vraagt hij aan mij ‘wie ben je?’ waarop ik hem vertel over hoe ik door de jaren heen gevormd ben en wat mijn verlangen is. Het gesprek verloopt soepel en is gericht van hart tot hart.
Aan het einde van het 3,5 uur durende gesprek vraagt Cor: ‘Zou je jouw hartsverlangen in de praktijk kunnen brengen bij Agapè?’.
‘Eerlijk gezegd,’ zeg ik hem, ‘weet ik wel zeker van niet.’
‘Wil je overwegen om bij ons te komen werken?’ vraagt hij oprecht. Deze man ziet graag mensen opbloeien, merk ik.
Cor vertelt me vervolgens iets wat me nog maandenlang bezig zal houden. Op de ochtend dat ik met Henk Paul sprak, bad Cor voor een communicatiemedewerker die met hem op kan lopen. Het woord ‘Agapè’ valt bij hem in. Wanneer hij in de middag een mailtje van Henk Paul krijgt waarin Henk Paul mij als sollicitant bij Agapè voorstelt, moet hij terugdenken aan het gebed van die ochtend. Tussen neus en lippen door vertelt hij me dat hij nooit een vacature uit heeft geschreven, maar dat God altijd mensen op zijn pad brengt.
Thuisgekomen heb ik gemengde gevoelens. Het avontuur die op mij wacht, lijkt al begonnen! Ben ik er wel klaar voor? Kan ik de keus maken om bij Cor te werken alleen op basis van een ingeving van Cor? Ik weet het niet. Maar wat een gave ontwikkeling!
Wanneer Lydia thuiskomt, merkt zij mijn blije gemoed op. We weten beide dat we hier iets mee moeten doen.
Twee weken eerder komt een jeugdvriend van mij met zijn vrouw bij ons op bezoek. Ze komen veel te laat aan, want er valt die zaterdagmiddag een hoop sneeuw op de route van Noord-Holland naar Groningen. Het weerzien was, ondanks de jaren dat we elkaar niet gesproken hebben, erg prettig. Hij stelt zijn vrouw aan mij en Lydia voor; hun dochter is er ook en zij is adorable. De tijd vliegt. Aan het einde van het bezoek bidt dit lieve stel voor onze zoektocht.
Na het gebed gebeurt er iets vreemds. De vrouw van mijn jeugdvriend wil ons een klein geldbedrag geven. Ze zegt dat ze de aandrang van God ervaart en staat erop dat we het aannemen. Het is een hele andere manier van omgaan met geld wat ter tafel komt tijdens het budgetspel, bedenk ik me. Tegelijkertijd kwam er op dat moment op de één of andere manier in Lydia en mijn hart een duidelijke overtuiging dat we van giften gaan leven. Rationeel aanvechtbaar, maar voor ons een feit. Het maakte ons blij en tegelijkertijd in de war.
Twee ingevingen van God in korte tijd. Hebben deze ingevingen iets met elkaar te maken? Is het überhaupt wel God die spreekt? We weten dat God vaker op deze manier werkt. We voelen ons kwetsbaar in deze tijd. We schrijven deze ervaringen op en denken er rustig over na.
Gedurende de rest van de maand is mijn verlangen steevast aanwezig. Het ene moment waarop ik een uilenles geef, ligt het verlangen op de voorgrond van mijn hart. Wanneer ik sollicitatiegesprekken van potentiële stagiair(e)s van de Hanzehogeschool Groningen afneem bij het burgerinitiatief Buitenfitness Beijum (zo noemen we ons vanaf nu!), zoemt het verlangen rond in een hoekje van mijn hart. Steeds weer komt het aan de oppervlakte, zoals ook verliefdheid kan doen. Af en toe neem ik de tijd om te dromen en het verlangen in de ogen te kijken.
Op andere momenten voel ik me aangezet iets nieuws te beginnen. Na enkele maanden niet naar een kerk te zijn geweest (dat is een ander lang verhaal!), stap ik een kerk binnen die net begonnen is met het beleggen van kerkdiensten. Ik solliciteer bij de stadszender OOG op een vrijwilligersfunctie op de redactie van een paar uur per week. Gedurende de maand stijgt mijn liefde voor het leven met dat de temperatuur stijgt.
>> Lees verder <<
Subscribe to:
Posts (Atom)